Programma Cultuur

Algemeen

Met onze culturele infrastructuur zorgen we voor een bruisend cultureel klimaat in de stad, aantrekkelijk  voor inwoners en bezoekers en uitnodigend voor ondernemers . Daarom zetten we in op een breed en actief cultuurbeleid. De cultuurparticipatie in Nijmegen is relatief hoog, zowel actief als passief. Daarin onderscheidt Nijmegen zich van andere vergelijkbare steden. Het relatief grote aantal hoogopgeleiden in Nijmegen én het hoge aantal grote culturele festivals en evenementen dat in Nijmegen plaatsvindt, dragen hier zeker aan bij. Dit willen we graag zo houden en versterken waar mogelijk.

Maatschappelijk effect

Met  kunst en cultuur  doen mensen persoonlijke ervaringen op, vermaken en ontwikkelen zich. Maar kunst en cultuur leveren ook nadrukkelijk een bijdrage aan het maatschappelijk debat in de stad en versterken de economische kracht, de leefbaarheid en het vestigingsklimaat. Daarom zorgen wij ervoor dat het totale culturele basisaanbod op orde is. In de nieuwe kunst- en cultuurvisie ligt de nadruk meer op toegankelijkheid van en samenwerking in en met de culturele sector.

Wij streven naar een bruisend cultureel klimaat in de stad, aantrekkelijk  voor inwoners en bezoekers en uitnodigend voor ondernemers . Daarom zetten we in op een breed en actief cultuurbeleid. De cultuurparticipatie in Nijmegen is relatief hoog, zowel actief als passief. Daarin onderscheidt Nijmegen zich van andere vergelijkbare steden. Het relatief grote aantal hoogopgeleiden in Nijmegen én het hoge aantal grote culturele evenementen dat in Nijmegen plaatsvindt, dragen hier zeker aan bij. Dit willen we graag zo houden en versterken waar mogelijk. Verwacht kan worden dat de cultuurparticipatie, onder invloed van recessie en bezuinigingen, eerder afneemt dan toeneemt. Met deze achtergrond als uitgangspunt  spreken we de ambitie uit  de cultuurparticipatie op eenzelfde niveau te handhaven; dat zou al een prestatie ‘an sich’ zijn.

Toegankelijke en open culturele ketens

Wat willen we bereiken?

Kunst en cultuur blijven voor iedereen toegankelijk. De passieve deelname aan cultuur is groot en dat willen we zo houden. Amateurkunst en kunst- en cultuureducatie  zijn daar belangrijke aanjagers voor. Om de toegankelijkheid  te behouden versterken we de culturele ketens. Meer dan ooit zetten we in op het verbinden van kunst en cultuur met andere beleidsterreinen. Waar kunst en cultuur van belang zijn voor de stad om deze sterker, socialer en duurzamer te maken, zetten we daarop in.

Wat hebben we bereikt?

Wij zien dat het werken in ketens vorm begint te krijgen. Wij hebben een kwalitatief onderzoek uitlaten voeren naar (on) mogelijkheden van bezuinigingen op het culturele veld door Lawson en Luiten
Het rapport "onderzoek hervorming culturele sector" schetst het volgende beeld van het culturele veld: "Het gemeentebestuur staat van oudsher positief tegenover de cultuursector en beschouwt kunst en cultuur als wezenlijk onderdeel van de stad. Dit heeft geleid tot een gedegen culturele infrastructuur met professionele instellingen, die gezamenlijk zorgen voor een divers, kwalitatief hoogstaand en toegankelijk cultureel aanbod. Van erfgoed tot theater, van amateurkunst tot film, van internationale avant-garde tot lokale urban arts: de inwoners van Nijmegen hebben het allemaal binnen handbereik. Ze kunnen ervan genieten, ze kunnen erover leren en ze kunnen het zelf beoefenen. In sommige sectoren heeft de stad een (inter)nationale positie: op het gebied van popmuziek, dance, archeologie en film bijvoorbeeld.". Wij mogen dus trots zijn op onze culturele klimaat. Diverse clubs groot en klein weten elkaar beter te vinden en dat leidt tot nieuwe verrassende samenwerkingen en producties.
Het aantal bezoekers van gesubsidieerde podia gezamenlijk  is 5% hoger dan vorig jaar. Dat is in lijn met de landelijke trend. Per instelling zijn er wel verschillen. Zo trekken LUX, Doornroosje en het Openluchttheater meer bezoekers, terwijl Schouwburg&Vereeniging en het Lindenberg Theater minder bezoekers trokken dan het jaar ervoor. Alle instellingen blijven binnen de bandbreedte van de afgesproken prestaties.
Museum het Valkhof heeft iets meer  bezoekers getrokken dan in 2013, maar blijft wel nog onder de afgesproken 100.000. Het Natuurmuseum scoort beduidend beter dan in 2013 maar haalt met 15.000 bezoekers niet het afgesproken aantal van 20.000. Dit heeft onder meer te maken met de transitie naar de Bastei.
De uitleningen van de bibliotheek zijn lager dan het jaar ervoor. Er is een verschuiving merkbaar van uitleningen per categorie. Zo daalt dat voor volwassenen, maar stijgt het aantal uitleningen via Bibliotheek op School (BOS) De totale daling(4,5%) is niet zo sterk als de landelijke trend (8%).De stijging van het aantal uitleningen via BOS geeft aan dat dit concept steeds  meer kinderen bereikt en is  daarmee succesvol is te noemen.

Indicatoren

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

1.1 Aantal bezoekers gesubsidieerde podia
1.2 Aantal bezoekers musea
1.3 Aantal uitleningen bibliotheek
1.4 Aantal oefenruimten

464.301
107.680
1.1501.105
8

540.000
125.000
1.340.000
12

488.513
117.548
1.207.121
8


1.1 Aantal bezoekers van gesubsidieerde podia is als volgt opgebouwd: LUX 216.147 (doelstelling 200.000); Vereeniging&Schouwburg 139.334 (doelstelling 125.000) ;Lindenberg 36.238 (doelstelling 44.000); Doornroosje 89.433 (doelstelling 60.000) ; Open Lucht Theater 7.361 (doelstelling 8.000). Met de podia hebben we als doelstelling afgesproken om in zijn totaliteit 437.000 bezoekers te trekken. Met een totaal van 488.513 voldoen zij daar ruimschoots aan. We blijven streven naar 540.000 bezoekers.
1.2 Aantal bezoekers musea is al volgt opgebouwd: Museum Valkhof 92.548 (doelstelling 100.000); Natuurmuseum ±. 15.000 (doelstelling 20.00); Stratemakerstoren ± 10.000 (geen doelstelling).
1.3 Het aantal uitleningen is inclusief de uitleningen via Bibliotheek op school (BOS)
1.4 Het aantal oefenruimtes is al jarenlang 8.

Wat hebben we ervoor gedaan?

  • Subsidies aan de vijf ketenintendanten: Wij hebben met de  vijf ketenintendanten  bestuurlijk overleg  gevoerd over de behaalde prestaties, de invulling van het ketenintendantschap en de code cultural governance.  Bij vier van de vijf instellingen hebben we de subsidie met een jaar verlengd. Bij de verlenging van de subsidie is de bezuiniging van de perspectiefnota (PPN) 2013 en 2014 verwerkt. De meerjaren budgetsubsidie van Museum het Valkhof hebben we opengebroken om de bezuinigingen  uit PPN 2013 en 2014 door te voeren. Met de instellingen hebben wij gesproken over de invulling van de peer-review en de rol die zij hierbij vervullen. Hieronder volgt een opsomming van de highlights per instelling:
  • Schouwburg en Vereeniging: Naast de eenjarige subsidie, verleenden wij een eenmalige subsidie voor de aanpassing van de trekkenwand in de Schouwburg. In de zomer startte de renovatie van de Vereeniging. Voor de renovatie hebben wij samen met de provincie Gelderland een subsidie verstrekt van 6,1 miljoen euro. De helft van dit bedrag is in fase 1  gebruikt voor de vervanging van de luchtbehandelingsinstallatie, isolatie, theatertechnische installaties en de akoestische panelen in de Grote Zaal. In 2015 wordt verder gegaan met de tweede fase waarbij de renovatie van de publieksruimten centraal staat. Er zijn minder musicals opgevoerd in 2014. In het genre Opera/muziektheater zijn meer voorstellingen geweest in het kader van het jubileumjaar van het Nijmeegse Opera en Operette Gezelschap. De première van het muziektheaterproject Dissus van Theatergroep Kwatta zorgde ervoor dat ruim 1.000 schoolkinderen uit Nijmegen en omstreken de schouwburg bezochten.
  • Museum het Valkhof : Het museum is druk geweest met het voorbereiden van de ingrijpende verbouwing die in 2015 start. De verbouwing maakt het  gebouw opener, toegankelijker,  duurzamer en aantrekkelijker. Ook wordt nadrukkelijk de verbinding met de stad gezocht. In het najaar is gestart met een personele reorganisatie.  Eind 2014 is aan het MHV een subsidie verleend als bijdrage aan de frictiekosten die samenhangen met deze reorganisatie.  In het kader van het ketenintendantschap heeft het museum voor de keten ‘Beeldende kunst’ een aantal goedbezochte bijeenkomsten georganiseerd. Met een bijeenkomst in het museum startte op 30 maart het Nijmeegse Karel de Grote jaar. Aanhakend bij de herdenking van 70 jaar Market Garden werd op 20 september  de succesvolle tentoonstelling Ontmoetingen in Oorlogstijd geopend.
  • Doornroosje: Na een vlekkeloos verlopen verhuizing werd op 1 oktober het nieuwe poppodium van  Doornroosje feestelijk geopend.  Uit de bezoekersaantallen blijkt dat muziekliefhebbers in grote getale de weg naar het nieuwe gebouw weten te vinden. Sinds de opening hebben al meer mensen Doornroosje bezocht dan in volledige jaren daarvoor.
  • Arthouse LUX: LUX werkt ook in 2014 veel samen met partners zoals de Radboud Universiteit, de balie uit Amsterdam voor maatschappelijk relevant debat en  IFFR, IDFA, GOSHORT, DZIGA voor film en N1 en de Gelderlander op het gebied van media. Ook biedt het een podium voor theatermakers gericht op kleinschalige en spraakmakend theater. In het project LUX wijkt uit zijn diverse filmvoorstellingen op locatie geweest, waaronder de film "De nieuwe wildernis", die in diverse verzorgingstehuizen is  vertoond. In DROOMvillaLUX biedt LUX samen met de Driestroom gezamenlijke diensten aan. De financiële situatie van LUX lijkt zich te stabiliseren. Het negatief eigen vermogen is verder terug gedrongen. Als gevolg van de bezuinigingen is er een kleine personele reorganisatie geweest. De frictiekosten als gevolg hiervan hebben we gedeeltelijk gesubsidieerd.
  • Bibliotheek (OBGZ): Er is veel energie gaan zitten in een grootschalige reorganisatie van het personeel. Deze reorganisatie was nodig om de bibliotheek toekomstbestendig te maken en de personele lasten te verlagen als gevolg van de bezuiniging van € 600.000. Functieprofielen zijn aangepast en veel medewerkers zijn opnieuw geplaatst. Ook zijn er medewerkers ontslagen. Dit zorgde voor veel onrust. Desondanks is de dienstverlening gewoon doorgegaan en werd op 1 november gezamenlijk gestart met de nieuwe organisatie. De invoering van het concept Bibliotheek op School (BOS) verloopt volgens schema. Op 12 scholen is BOS volledig geïmplementeerd en nog eens 10 scholen staan aan het begin van de implementatie van BOS. In het kader van cultureel ondernemerschap heeft OBGZ bij de entree  van de locatie op de Mariënburg een deel van het pand onderverhuurd aan een horecaondernemer en aan het poëziecentrum Nederland. Samenwerking met het Stadsarchief heeft er 2014 toe geleid dat er een doorbraak gerealiseerd is tussen het pand van de OBGZ en het Stadsarchief. Doel is om de leden en bezoekers  te verleiden om bij beide instellingen gemakkelijk binnen te lopen en gebruik te maken van de aangeboden diensten. In de keten Literatuur, waar de OBGZ de rol van ketenintendant vervult, wordt met diverse partners (Wintertuin, SLAN, Poëziecentrum etc.) activiteiten (boekenfeest, lezen met de sterren, literaire borrel) uitgevoerd, die bijdragen aan de speerpunten uit onze cultuurvisie.
  • Bezuinigingen
    • In februari hebben wij het rapport "onderzoek hervorming culturele sector" afgerond. In dit rapport is door Lawson en Luiten een kwalitatief onderzoek gedaan naar het culturele veld in Nijmegen en met name naar de zes grote culturele instellingen. Per instelling is  een feitelijke beschrijving gemaakt en worden scenario's beschreven over de (on)mogelijkheden van de bezuinigingen, in relatie met de reeds opgelegde bezuinigingen (PPN 2013, PPN 2014 en de generieke kortingen). Op basis van dit rapport  is in het coalitieakkoord de bezuiniging op de zes grote instellingen gehalveerd naar € 350.000. De zes instellingen hebben gezamenlijk een adviesbureau ingehuurd om te kijken naar de mogelijkheden van kostenbesparing op gebouwgebonden kosten, shared service en de scenario's zoals beschreven in het rapport van Lawson en Luiten.
    • Naast de onderzoeksopdracht om € 700.000 te bezuinigen loopt een onderzoek de mogelijkheden om  € 200.000 op cultureel vastgoed te bezuinigen.

Talent, excellentie en experiment

Wat willen wij bereiken?

Nijmegenaren zijn geen doorsnee cultuurconsumenten. Nijmegenaren houden van verrassingen en zijn op zoek naar talenten en kunst en cultuur op speciale en onverwachte plaatsen. Dan moeten we die talenten wel een podium geven en actief op zoek gaan naar ruimten waar experimenten een kans kunnen krijgen.
En natuurlijk zijn we blijvend op zoek naar excellente artiesten, gezelschappen en kunstenaars die onze stad (blijvend) kleur geven.

Wat hebben we bereikt?

Van de activiteitensubsidie van € 200.000 hebben een 19 tal kleine cultuurondernemers tal van activiteiten aangeboden. Van jazzconcerten tot kunstinstallaties, experimentele muziekoptredens dansavonden en tentoonstellingen. Ook het tekenfestival Big Draw was een succes, met een groot bereik en veel samenwerkingen met diverse culturele partners. Festivals zoals het  Wintertuinfestival, Gebroeders van Limburgfestival, Music Meeting, Go Short en productiehuizen als Dziga en Kwatta hebben wederom veel publiek getrokken. Aan het  Besiendershuis hebben wij in 2014 een andere opdracht gegeven. Wij vragen hen om het creatieve netwerk te stimuleren en meer zichtbaar te maken door  de sectoren cultuur, cultuurhistorie, kennis/innovatie en bedrijfsleven met elkaar te verbinden. Het Besiendershuis fungeert als een soort bruggenbouwer/verbinder en levert daarmee een bijdrage aan de  creatieve stad.  
Er zijn zeven openbare kunstwerken gerealiseerd waaronder de film Lights Crossing over de brug de Oversteek en de muurschilderingen in het fietstransferium onder het nieuwe Doornroosje.

Indicatoren

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

2.1 Aantal stipendia voor jonge talenten
2.2 Aantal te verstrekken subsidies i.h.k.v. de SCIN
2.3 Aantal excellente en experimentele producties
2.4 Aantal culturele evenementen
2.5 Aantal bezoekers culturele evenementen
2.6 Aantal werkenden in de creatieve industrie

nvt
nvt
nvt
30
225.000
3.371

pm
pm
pm
25
225.000
pm

0
19
5
36
239.500
3.223

2.1: In afwachting van de invulling van de stroomlijning van subsidies, is geen stipendium uitgereikt.
2.2: In het kader van de subsidieregeling voor culturele activiteiten is aan 19 aanvragers een subsidie toegekend.
2.3: Van de 19 toegekende subsidie van de SCIN en onze reguliere 4 jarige subsidies aan festivals en productiehuizen, zijn er 6 excellent/experimenteel te noemen.
2.4: Bij het aantal culturele evenementen tellen we de culturele instellingen die wij subsidiëren vanuit de subsidieregeling de SCIN en onze reguliere 4 jarige subsidies aan festivals en productiehuizen. Het aantal activiteiten/optredens/tentoonstellingen van de 36 instellingen tellen op tot 318.
2.5: Dit geldt ook voor de bezoekers van de activiteiten zoals genoemd onder 2.4.
2.6: Het aantal werkenden in de creatieve industrie halen we uit de provinciale werkgelegenheid enquête. (PWE). De creatieve industrie bestaat uit de sectoren: kunsten en cultureel erfgoed, media en entertainmentindustrie en creatieve zakelijke dienstverlening. T.o.v. 2013 is dit aantal met 4% gedaald. Deze daling wordt met name veroorzaakt door de sterke daling bij de creatieve zakelijke dienstverlening specifiek bij het onderdeel vormgeving en ontwerp. Wij scoren gemiddeld als het gaat om het percentage banen in de creatieve industrie (3,6% van alle banen in de stad en ook 3,6% van alle banen in Nederland.

Wat hebben we ervoor gedaan?

  • Wij hebben voor de tweede maal de aanvragen voor SCIN subsidie (uitvoering in 2015) beoordeeld. Er waren dit jaar nog meer aanvragen dan het jaar ervoor. Wij zien een vernieuwing in de aanvragen, zowel wat betreft inhoud als wat betreft degene die aanvraagt. Wij hanteren een maximum plafond van € 230.000 en hebben voor dit bedrag aan 30 van de 61 aanvragers een subsidie toegekend.
  • Wij subsidiëren meerjarig negen festivals en acht productiehuizen. Met hen voeren we jaarlijks bestuurlijk overleg gevoerd over hun bijdrage aan het culturele klimaat in de stad.
  • Aan Nijmegen1 hebben we eenmalig een extra subsidie verleend om het negatieve eigen vermogen gedeeltelijk aan te zuiveren en camera's te kopen.
  • We hebben besluitvorming voor de aanmoedigingsprijs voorbereid.
  • We hebben ontmoetingen gefaciliteerd tussen het culturele veld uit Duisburg en het veld in Nijmegen. Hieruit zijn enkele samenwerkingen ontstaan.
  • Wij hebben de afgelopen editie van Blikwisseling met als thema ‘Waves’ ondersteund door een aantal beurzen te financieren en door een aantal programmaonderdelen te verzorgen. Met de deelname aan Blikwisseling hebben wij niet alleen geïnvesteerd in jong talent (studenten), maar ook bestaand talent (werkenden in de cultuursector) kansen gegeven om zich verder te ontwikkelen en om het creatieve denken te stimuleren.  Onder begeleiding van medewerkers van het befaamde Massachusetts Institute for  Technology (MIT) werd de samenwerkingen tussen kunst, wetenschap en techniek actief gestimuleerd.
  • Wij hebben meegedaan aan het onderzoek naar de mogelijkheden om een Vrijheidsmuseum te realiseren in de Vasim.
  • Wij hebben een zevental openbare kunstwerken gerealiseerd. Het gaat op de volgende werken:
    • In het fietstransferium, naast het Centraal Station, is het kunstwerk TALIA van Jan van der Ploeg opgenomen. Op de vloeren, wanden en plafonds is een abstract lijnenspel met intense kleuren gecreëerd dat bijdraagt aan een optimistisch en positief gebruik van de ruimte.
    • Filmmaker Martijn Schinkel kreeg de opdracht om  een film te maken over het kunstwerk Lights Crossing op stadsbrug De Oversteek. Het doel  was tweeledig, een film als kunstwerk, en het onder de aandacht brengen van het kunstwerk Lights Crossing.
    • In 1951 werd het herdenkingsmonument voor de gesneuvelde Nederlandse militairen uit de Tweede Wereldoorlog van kunstenaar Jac Maris op plein 1944 geplaatst. Het werk is opnieuw uitgevoerd in brons.
    • Verder zijn; op het Honigterrein  de letters CLXIII, het Romeinse schrift voor het getal 163 aangebracht; in het Waalfront is Romance Confidence, een zitsculptuur gerealiseerd; op de rotonde Broerdijk/Hengstdalseweg is een werk van Alphons ter Avest gerealiseerd en is het kunstwerk de Neptunusring geplaatst.
  • In 2014 is gewerkt aan de uitvoering van de projecten uit het beleidsplan kunst in de openbare ruimte 2011-2013. Een aantal projecten wordt pas in 2015 afgerond en nemen wij mee in het Uitvoeringsplan kunst in de openbare ruimte 2015. De bijbehorende middelen zijn toegevoegd aan de reserve percentage regeling beeldende kunst.

Cultuureducatie en amateurkunst

Wat willen wij bereiken?

Cultuureducatie en amateurkunst hebben als belangrijke kenmerken het bewust maken van jong en oud  van de ‘lol’ en betekenis  van kunst en cultuur, zowel in productieve als in consumptieve zin. En natuurlijk is het de bedoeling dat deze kinderen ‘hun leven lang’ kunst en cultuur beleven.

Wat hebben we bereikt?

De cursisten voor kunsteducatie zijn gedaald. Met name de belangstelling voor het cursusaanbod van de afdeling beeldend kent een sterke terugval. Mogelijk heeft dat te maken met de andere opzet van de afdeling beeldend voor de volwasseneneducatie. De belangstelling voor het theateraanbod is gestegen. Het aanbod van de cursussen van  Grote Broer zijn inmiddels volledig opgenomen in het cursus aanbod en dat blijkt een succes. De muzieklessen blijven ongekend populair  en vormen het grootste deel van het cursusaanbod.
Met de regeling cultuureducatie met kwaliteit wordt inmiddels op zes  basisscholen gewerkt aan de kwalitatieve versterking van de cultuureducatie in de school. De komende jaren zullen er ieder jaar zes nieuwe scholen worden toegevoegd. Cultuureducatie op de brede scholen wordt door de schoolbesturen nog steeds grotendeels ingekocht bij de Lindenberg . Via Cultuur en School, het bemiddelingspunt van vraag en aanbod van cultuureducatie, worden bijna alle scholen in Nijmegen bereikt. Met de uitvoering van het Nijmeegse educatieproject rondom Market Garden in het kader van het cultuurpact van de provincie Gelderland, hebben we  jongeren op een aansprekende manier bij de geschiedenis van de stad betrokken.
Door het vaststellen van het nieuwe subsidiehuis voor amateurs versterken we de interactie tussen amateurs en bewoners van de gemeente Nijmegen. In deze nieuwe regeling subsidiëren we activiteiten in plaats van verenigingen om zo de actieve cultuurparticipatie te stimuleren. Met de nieuwe regeling worden nieuwe initiatieven ondersteund die voorheen niet in aanmerking kwamen voor subsidie, zoals initiatieven op het gebied van samba, elektronische muziek en (instrumentale) popmuziek. Van de 54 aanvragen hebben we er 51 toegekend.

Indicatoren

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

3.1 Aantal bij de Lindenberg ingeschreven cursisten- jeugd tot 18 jaar
3.2 Aantal amateurgezelschappen

1856
81

1.750
pm

1761
86

Wat hebben we ervoor gedaan?

  • De Lindenberg heeft de kunsteducatie aan volwassenen anders opgezet. Daarmee was in 2013 al gestart en dit is in het voorjaar van 2014 definitief vorm gegeven. De kunsteducatie aan kinderen kent diverse verschuivingen in de belangstelling. Zo is de belangstelling voor de cursussen beeldend sterk gedaald en is de belangstelling voor  het theateraanbod, mede door de cursussen die door  Grote Broer verzorgd worden,  sterk gestegen. We nemen deel aan de landelijke regeling Cultuureducatie met Kwaliteit 2013-2016, waarbij de Lindenberg in samenwerking met Grote Broer Kunsteducatie, zorg draagt voor de uitvoering in het onderwijs. In het kader van de landelijke impulsregeling Combinatiefuncties wordt deze formatie (2 FTE) door de Lindenberg stimulerend ingezet voor het onderwijs. Cultuur en School Nijmegen(CESN) heeft hun aanbod verder uitgebreid in overleg met de scholen voor basis- en voortgezet onderwijs.
  • Conform de uitvoering van het amendement “Cultuureducatie op de brede scholen” is de subsidie voor de lessen cultuureducatie op de brede scholen verleend aan de schoolbesturen.
  • Wij hebben mee gedaan met het cultuurpact van de provincie Gelderland. Een educatieproject rondom Market Garden.
  • Wij hebben het subsidiehuis voor de amateurkunst vastgesteld. Aan de Hafabra's hebben wij een vierjarige subsidie verleend. De overige amateurclubs kunnen een aanvraag indienen voor een activiteitensubsidie. Van de 54 aanvragen hebben wij er 51 gehonoreerd.

Financiële gegevens

Cultuur
* € 1.000
Begroting primitief Begroting dynamisch Rekening 2014 Verschil Bdyn - rek

Financiele lasten per product

Culturele ketens

13.659

13.534

13.555

-21

Talent en kwaliteit

1.616

1.816

1.826

-10

Cultuureducatie en amateurkunst

4.450

4.395

4.390

5

Totaal lasten product

19.725

19.744

19.770

-26

Financiele baten per product

Culturele ketens

-467

-467

-467

Talent en kwaliteit

-121

-341

-363

22

Cultuureducatie en amateurkunst

Totaal baten product

-589

-809

-830

22

Totaal Cultuur

19.136

18.935

18.940

-4

Toelichting financiën

Het programma Cultuur sluit het jaar 2014 af met een nagenoeg neutraal resultaat. Er zijn geen significante afwijkingen ten opzichte van de begrotingscijfers.
In de bovenstaande cijfers is de toevoeging aan de reserve 1% regeling van € 208.000,- financieel verwerkt.

Begrotingswijzigingen van primitief naar dynamisch

1071 Cultuur

bedragen * € 1.000,-

Besl.nivo

Besl.dat.

agendapnt

Baten

Lasten

Saldo

Primitief

589

19.725

19.136

Wijzigingen

BW-01339 Voorjaarsnota TW en invest

Raad

11 jun '14

63/2014

220

42

-178

BW-01367 Meldingen najaarsnota 2014

Raad

03 dec '14

129/2014

-23

-23

BW-01381 Frictiekosten museum het Valkhof en st. LUX

College

16 dec '14

2.1

0

0

Totaal Wijzigingen

220

19

-201

Risico's

  • De grote zes  culturele instellingen hebben  de afgelopen jaren diverse generieke en specifieke bezuinigingen opgelegd gekregen. Deze zijn tot nu toe gerealiseerd zonder verlies van prestaties, maar heeft de financiële positie van de instellingen verslechterd.
    De nog  te realiseren  bezuiniging vanuit de perspectiefnota 2014 van € 350.000, die op 1 januari 2016 zijn beslag krijgt, zet nog meer druk op  de financiële positie van de zes  instellingen. Hierdoor stijgt  de kans op exploitatietekorten en verschraalt  het culturele aanbod. Het culturele aanbod in de stad  is mede bepalend voor het woon- en vestigingsklimaat. Een verslechtering van dit aanbod heeft hier een negatieve invloed op.