Cultuur

Algemeen

Met onze culturele infrastructuur zorgen we voor een bruisend cultureel klimaat in de stad, aantrekkelijk  voor inwoners en bezoekers en uitnodigend voor ondernemers . Daarom zetten we in op een breed en actief cultuurbeleid. De cultuurparticipatie in Nijmegen is relatief hoog, zowel actief als passief. Daarin onderscheidt Nijmegen zich van andere vergelijkbare steden. Het relatief grote aantal hoogopgeleiden in Nijmegen én het hoge aantal grote culturele festivals en evenementen dat in Nijmegen plaatsvindt, dragen hier zeker aan bij. Dit willen we graag zo houden en waar mogelijk versterken.

Wat hebben we bereikt

Ons streven naar toegankelijkheid en openheid in de culturele ketens  zien wij langzaam vorm krijgen. Diverse clubs groot en klein weten elkaar beter te vinden en dat leidt tot nieuwe verrassende samenwerkingen en producties. Wij hebben een kwalitatief onderzoek uitlaten voeren naar (on) mogelijkheden van bezuinigingen op het culturele veld door Lawson en Luiten.
Het rapport "Onderzoek  hervorming culturele sector" schetst het volgende beeld van het culturele veld: "Het gemeentebestuur staat van oudsher positief tegenover de cultuursector en beschouwt kunst en cultuur als wezenlijk onderdeel van de stad. Dit heeft geleid tot een gedegen culturele infrastructuur met professionele instellingen, die gezamenlijk zorgen voor een divers, kwalitatief hoogstaand en toegankelijk cultureel aanbod. Van erfgoed tot theater, van amateurkunst tot film, van internationale avant-garde tot lokale urban arts: de inwoners van Nijmegen hebben het allemaal binnen handbereik. Ze kunnen ervan genieten, ze kunnen erover leren en ze kunnen het zelf beoefenen. In sommige sectoren heeft de stad een (inter)nationale positie: op het gebied van popmuziek, dance, archeologie en film bijvoorbeeld.".

Wij mogen dus trots zijn op onze culturele klimaat. Als kanttekening geeft het rapport aan dat het publieksaanbod goed ontwikkeld is, maar dat de artistieke productie matig is te noemen. Het ontbreken van een ketenintendant cultuurhistorie wordt, voor de oudste stad van Nederland,  een gemiste kans genoemd.  Het rapport van Lawson en Luiten heeft er mede voor gezorgd dat in het coalitieakkoord de onderzoeksopdracht naar bezuinigingen op het culturele veld van € 700.000 gehalveerd is naar € 350.000.  Uitgangspunt bij deze bezuiniging is dat dit zo min mogelijk ten koste van culturele activiteiten mag gaan en dat eerst gekeken wordt naar de mogelijkheden van bezuinigingen op gebouwgebonden kosten, shared service en andere niet-programmagebonden bezuinigingen.
De mate van (actieve en passieve) cultuurparticipatie  willen wij minimaal gelijk houden of verhogen. Het feit dat  het aantal bezoekers van gesubsidieerde podia 5% hoger is dan vorig jaar geeft aan dat we daarin slagen. Voor de bibliotheek streven we naar bereikcijfers, die minimaal de  landelijke trend volgen. Deze trend is al jaren dalend. De uitleningen van de bibliotheek zijn wederom lager dan vorig jaar. Er is wel een verschuiving merkbaar van uitleningen per categorie. Zo daalt dat voor volwassenen, maar stijgt het aantal uitleningen via Bibliotheek op School (BOS). De totale daling (4,5%) is niet zo sterk als de landelijke trend (8%).De stijging van het aantal uitleningen via BOS geeft aan dat dit concept meer kinderen bereikt en daarmee succesvol is te noemen. Hiermee bereiken wij ons doel om meer kinderen te laten lezen en dragen we bij aan het voorkomen van laaggeletterdheid. Via onze subsidieregeling waar we alleen nog culturele activiteiten subsidiëren hebben wij bijgedragen  aan  verrassende en experimentele culturele activiteiten. Van jazzconcerten tot kunstinstallaties op het Driftfestival, experimentele muziekoptredens, dansavonden en tentoonstellingen. Ook het tekenfestival Big Draw was een succes, met een groot bereik en veel samenwerkingen met en tussen diverse culturele partners. Ter stimulering van de creatieve stad, hebben wij aan het  Besiendershuis een andere opdracht gegeven. Wij vragen hen het creatieve netwerk te stimuleren en meer zichtbaar te maken door  de sectoren cultuur, cultuurhistorie, kennis/innovatie en bedrijfsleven te verbinden. Het Besiendershuis fungeert als een soort bruggenbouwer/verbinder en levert daarmee een bijdrage aan de  creatieve stad.  
Met de zeven openbare kunstwerken die zijn gerealiseerd, zoals de film Lights Crossing over de brug de Oversteek en de muurschilderingen in het fietstransferium onder het nieuwe Doornroosje, leveren we een bijdrage aan de (culturele)kwaliteit en beleving van de stedelijke omgeving.
Het zelf beoefenen van amateurkunst draagt bij aan verankering van kunst en cultuur. Op de Lindenberg subsidiëren wij daarom kunst- en cultuureducatie aan jongeren.  Wij zien dat de belangstelling voor de kunsteducatie in de vrije tijd is afgenomen en de belangstelling voor cultuureducatie op scholen toeneemt.  Met name de belangstelling voor het cursusaanbod van de afdeling beeldend kent een sterke terugval. De belangstelling voor het theateraanbod voor de jeugd is sterk gestegen. Het aanbod van de cursussen van Grote Broer zijn inmiddels volledig opgenomen in het cursus aanbod van de Lindenberg en dat blijkt een succes. De muzieklessen blijven ongekend populair  en vormen het grootste deel van het cursusaanbod.
Met de regeling cultuureducatie met kwaliteit wordt inmiddels op zes  basisscholen gewerkt aan de kwalitatieve versterking van de cultuureducatie in de school. De komende jaren zullen er ieder jaar zes nieuwe scholen worden toegevoegd. Door het vaststellen van het nieuwe subsidiehuis voor amateurs hebben we de interactie tussen amateurs en bewoners van de gemeente Nijmegen versterkt en meer ruimte gegeven meer diverse amateurgezelschappen.

Indicatoren

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

1.1 Aantal bezoekers gesubsidieerde podia
1.2 Aantal bezoekers musea
1.3 Aantal uitleningen bibliotheek
1.4 Aantal oefenruimten

464.301
107.680
1.1501.105
8

540.000
125.000
1.340.000
12

488.513
117.548
1.207.121
8

1.1 Aantal bezoekers van gesubsidieerde podia is als volgt opgebouwd: LUX 216.147 (doelstelling 200.000); Vereeniging&Schouwburg 139.334 (doelstelling 125.000) ;Lindenberg 36.238 (doelstelling 44.000); Doornroosje 89.433 (doelstelling 60.000) ; Open Lucht Theater 7.361 (doelstelling 8.000). Met de podia hebben we als doelstelling afgesproken om in zijn totaliteit 437.000 bezoekers te trekken. Met een totaal van 488.513 voldoen zij daar ruimschoots aan. We blijven streven naar 540.000 bezoekers
1.2 Aantal bezoekersmusea is al volgt opgebouwd: Museum Valkhof 92.548 (doelstelling 100.000) Natuurmuseum ±. 15.000 (doelstelling 20.000); Stratemakerstoren ± 10.000 (geen doelstelling).
1.3 Het aantal uitleningen is inclusief de uitleningen via Bibliotheek op school (BOS)
1.4 Het aantal oefenruimte is al jarenlang 8.

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

2.1 Aantal stipendia voor jonge talenten
2.2 Aantal te verstrekken subsidies i.h.k.v. de SCIN
2.3 Aantal excellente en experimentele producties
2.4 Aantal culturele evenementen
2.5 Aantal bezoekers culturele evenementen
2.6 Aantal werkenden in de creatieve industrie

nvt
nvt
nvt
30
225.000
nvt

pm
pm
pm
25
225.000
pm

0
19
6
36
239.500
pm

2.1: In afwachting van de invulling van de stroomlijning van subsidies, is geen stipendium uitgereikt.
2.2: In het kader van de subsidieregeling voor culturele activiteiten is aan 19 aanvragers een subsidie toegekend.
2.3: Van de 19 toegekende subsidie van de SCIN zijn er 5 excellent/experimenteel te noemen.
2.4: : Bij het aantal culturele evenementen tellen we de culturele instellingen die wij subsidiëren vanuit de subsidieregeling de SCIN en onze reguliere 4 jarige subsidies aan festivals en productiehuizen. Het aantal activiteiten/optredens/tentoonstellingen van de 36 instellingen tellen op tot 318.
2.5: Dit geldt ook voor de bezoekers van de activiteiten zoals genoemd onder 2.4.
2.6: Het aantal werkenden in de creatieve industrie halen we uit de provinciale werkgelegenheid enquête. (PWE). De creatieve industrie bestaat uit de sectoren: kunsten en cultureel erfgoed, media en entertainmentindustrie en creatieve zakelijke dienstverlening. T.o.v. 2013 is dit aantal met 4% gedaald. Deze daling wordt met name veroorzaakt door de sterke daling bij de creatieve zakelijke dienstverlening specifiek bij het onderdeel vormgeving en ontwerp. Wij scoren gemiddeld als het gaat om het percentage banen in de creatieve industrie (3,6% van alle banen in de stad en ook 3,6% van alle banen in Nederland.

Stimuleren participatie

Realisatie 2013

Doelstelling 2014

Realisatie 2014

3.1 Aantal bij de Lindenberg ingeschreven cursisten- jeugd tot 18 jaar
3.2 Aantal amateurgezelschappen

1.856
81

1750
pm

1.761
86

Cultuur
* € 1.000
Begroting primitief Begroting dynamisch Rekening 2014 Verschil Bdyn - rek

Financiele lasten per product

Culturele ketens

13.659

13.534

13.555

-21

Talent en kwaliteit

1.616

1.816

1.826

-10

Cultuureducatie en amateurkunst

4.450

4.395

4.390

5

Totaal lasten product

19.725

19.744

19.770

-26

Financiele baten per product

Culturele ketens

-467

-467

-467

Talent en kwaliteit

-121

-341

-363

22

Cultuureducatie en amateurkunst

Totaal baten product

-589

-809

-830

22

Totaal Cultuur

19.136

18.935

18.940

-4